bemiddeling & begeleiding

Moet ik mij in bemiddeling verzoenen met mijn ex?!

Moet ik mij in bemiddeling verzoenen met mijn ex?!

By on mei 1, 2017 in Geen categorie | 0 comments

Ik val met de deur in huis via dit zeer hardnekkige misverstand over bemiddeling. Het is immers niet de bedoeling van de bemiddeling om jullie terug samen te brengen of zelfs maar vriendschap te laten sluiten.

Bemiddeling is geen relatietherapie.

Waar ik als bemiddelaar wel altijd meer helderheid probeer over te verschaffen is hoe de verstandhouding van ouders invloed heeft op het welzijn van de kinderen. Over de positie waar kinderen in terecht komen wanneer ouders gaan vechten. De meeste mensen hebben al gehoord van het begrip ‘een loyauteitsconflict’; bij kinderen komt dit voor wanneer ze in een soort van spagaat moeten gaan staan om aan beide ouders ‘trouw’ te kunnen zijn maar hierin erg onder druk komen te staan. Bv. wanneer ouders slecht spreken over elkaar of over een nieuwe partner, wanneer kinderen niet mogen vertellen hoe het was bij het verblijf bij de ander enz..

Voor kinderen is het vooral belangrijk dat ze de toestemming krijgen om van beide ouders te houden.

Pasopvoorhetloyaliteitsconflict

lees hier meer over het loyauteitsconflict

BRON

Wat betekent loyaliteit en loyaliteitsconflict?

Als het gaat over kinderen en scheiding passeert het begrip loyaliteit en loyaliteitsconflict regelmatig de revue. Deze begrippen zijn afkomstig van de psychiater Iwan Boszormenyi Nagy. Hij omschrijft deze begrippen in een theorie die aangeeft dat de band tussen kind en ouders bestaat, of het kind dit nu wil of niet. Doordat het kind zijn leven te danken heeft aan beide ouders kan het kind niet anders dan loyaal zijn aan hen. Deze basale loyaliteit is een gegeven en kan door het kind niet worden verbroken. Wel kan het kind die band ontkennen. De basale loyaliteit oftewel existentiële loyaliteit kan in de loop van de jaren worden uitgebouwd en verdiept. Dan ontstaat er verworven loyaliteit. Dit gebeurt als ouders het kind verzorgen en opvoeden. Loyaliteit en scheiding. Er kan een groot dilemma ontstaan als kinderen worden geconfronteerd met de scheiding van hun ouders. Een kind kan namelijk niet anders dan (door de hierboven beschreven existentiële en daarnaast de verworven loyaliteit) loyaal blijven aan beide ouders. Als kinderen het gevoel hebben dat ze moeten kiezen tussen of een voorkeur moeten uitspreken voor een van hun ouders ontstaat er een innerlijk conflict voor het kind: terwijl het kind zijn loyaliteit naar de ene ouder uit, doet hij tegelijkertijd de andere ouder tekort, en andersom. Hoe sterker het kind zich onder druk gezet voelt om te moeten kiezen tussen beide ouders, hoe groter de innerlijke conflicten en hoe groter de kans dat de psychische gezondheid van het kind in gevaar komt.

Bij welke kinderen komt het voor?

Ten eerste kan gezegd worden dat het niet te voorkomen is dat kinderen gedurende een scheidingsproces op enig moment worstelen met hun gevoel van loyaliteit. Dat is heel normaal. Ze moeten er immers mee leren omgaan de balans te vinden tussen de tijd, aandacht en liefde die ze aan beide ouders (het liefst evenveel) willen geven. Het is dus een probleem wat zich voordoet bij kinderen in alle leeftijden, alhoewel kinderen tussen de 9 en 13 jaar het meest gevoelig zijn voor loyaliteitsconflicten. De rol van ouders Daarnaast spelen de ouders een grote rol in het al dan niet voorkomen van loyaliteitsproblemen bij hun kind(eren). Een overduidelijk voorbeeld van wat fout is, is de ouder die zijn kind vraagt van wie hij het meeste houdt. Een kind mag je een dergelijke vraag nooit stellen, omdat het dan moet kiezen tussen mama of papa. Een subtieler voorbeeld is het volgende. De ouders van Sofie zijn gescheiden, maar leven op goede voet met elkaar. Er is sprake van co-ouderschap en er zijn, afgezien van kleinigheden, geen grote problemen. Nu doet zich de volgende situatie voor. Sofie is jarig en op haar kinderfeestje rijden zowel vader als moeder mee naar het zwembad. De kinderen worden verdeeld over de auto’s. Plotseling vraagt moeder: “Sofie, rijd je met papa of met mij mee?”. Deze vraag brengt Sofie op dat moment in een loyaliteitsconflict. Ze moet kiezen tussen mama of papa.

Conclusie: niet alles wat je zegt hoeft op een weegschaal gelegd te worden, maar denk goed na wat je zegt. Elke vraag of opmerking, hoe goed bedoeld ze ook zijn, kunnen een verkeerde uitwerking hebben.

Hoe voorkom je dat je kind te kampen krijgt met loyaliteitsgevoelens?

Het is begrijpelijk en heel normaal dat je je als ouder gekwetst voelt als je kind belangstelling toont voor de andere ouder, vooral als die ex-partner je zoveel verdriet heeft gedaan. Besef echter goed dat er een verschil is tussen je eigen negatieve gevoelens voor je ex-partner en de behoefte van je kind aan een blijvende relatie met de andere ouder. Misschien wil je het liefst wel niets meer te maken hebben met je ex-partner en misschien is dat ook de juiste beslissing voor jouzelf, maar je mag niet zonder meer hetzelfde besluit nemen voor je kind. Je bewijst je kind een enorme dienst als je het zowel impliciet als expliciet de toestemming geeft om van beide ouders te mogen houden. Lastig als dat mag zijn, is het toch de meest liefdevolle gave die scheidende ouders hun kinderen mee kunnen geven. Fragment uit het gedicht “Fotoalbum” van Willem Wilmink. Dat ik van mijn vader hou, doet moeder soms verdriet. En dat ik van mijn moeder hou, dat weet mijn vader niet. Zo draag ik mijn geheimen mee, en loop van hier naar daar. Nog altijd hou ik van die twee, die hielden van elkaar.

Meteen als ik dit vertel aan de ouders die voor mij zitten, voel ik dat mensen net heel hard vasthouden aan hun eigen standpunten omdat ze ervan overtuigd zijn dat dit het beste is voor hun kinderen. Echter, heel wat onderzoek wijst erop dat kinderen niet zozeer door de breuk tussen ouders worden geraakt, aangezien de vaak langdurige conflicten net stoppen met de scheiding. Maar dit is niet altijd zo. Als het conflict verder wordt gezet (of pas start) en soms zelfs nog verhardt tijdens de scheiding dan lijden kinderen hier erg onder.

In die zin is het belangrijk dat ouders proberen om dit conflict te overstijgen en om een gemeenschappelijke grond te vinden waarop ze de opvoeding samen verder kunnen zetten.

Daar dient bemiddeling voor.

Moeilijke knopen worden doorworsteld samen met een derde (de bemiddelaar dus) die ervoor zorgt dat de besprekingen voor iedereen leefbaar blijven. En dat er objectieve info op tafel komt waar ieder zijn standpunt kan over delen. Om uiteindelijk tot een gedragen ouderschapsovereenkomst te komen, waarin heel veel geregeld wordt (en dus besproken werd).  Het opstellen van zo’n ouderschapsplan via bemiddeling, waardoor conflicten van hun venijnigheid en sterkte worden ontdaan, kan heel veel betekenen voor de transitie van ex- partners naar ouders. Dus geen vrienden of ex- partners blijven maar wel samen ouders zijn. Dat maakt een gigantisch verschil voor je eigen gemoedsrust en dus voor de kinderen.

lees hier meer over het meest recente onderzoek naar co- ouderschap

BRON

 

Co-ouderschap is niet altijd de beste optie voor de kinderen. De regeling legt een zware last op de kinderen en bovendien communiceren gescheiden ouders niet of slecht over de opvoedingskeuzes.

Dat blijkt uit onderzoek van sociologe Sofie Van Assche (KU Leuven).

Bij een echtscheiding van een koppel met kinderen is co-ouderschap vandaag de dag dé manier om de zorg voor de kinderen te delen. Het lijkt het beste voor iedereen: de lasten, de lusten en de kosten zijn verdeeld over de ouders en de kinderen kunnen evenveel tijd met hun ouders doorbrengen en hoeven niet te kiezen. Maar dat blijkt niet het geval te zijn, of toch niet altijd, zo bleek uit onderzoek van de sociologe, wat in De Morgen werd gepubliceerd.

Last op het kind.

De last op het kind is groot. Ze moeten ‘verhuizen’, het is maar zelden dat de ouders van huis veranderen. Als de ouders ver uit elkaar wonen, is het moeilijker een sociaal leven of hobby’s op te bouwen omdat er niet altijd naar een verjaardagsfeestje of niet wekelijks naar een training of les kan worden gegaan, zo klinkt het. “Het is voor het kind belangrijk dat de ouders praten met elkaar”

Communicatieproblemen

Als de ouders dan ook nog eens niet of slecht met elkaar communiceren of elkaar het leven zuur maken, dan zijn kinderen helemaal de dupe. –29 procent praat gewoonweg niet met elkaar, ook niet over de kinderen. –26 procent heeft ruzie over opvoedingskwesties. -20 procent slaagt er wel in samen beslissingen te nemen. “Terwijl het voor kinderen en jongeren net heel belangrijk is dat de ouders wel praten en respect voor elkaar opbrengen, ook al hebben ze geen relatie meer”, verklaart Van Assche.

Co-ouderschap: een recht?

Dit alles bij elkaar zorgt ervoor dat er vraagtekens te stellen zijn bij co-ouderschap, zeker in het belang van het kind. Maar dat wordt moeilijk: enerzijds omdat in de wet staat ‘dat co-ouderschap bij conflict bij voorrang onderzocht moet worden als optie. Anderzijds zijn ouders het co-ouderschap als recht gaan beschouwen. “Dat recht willen ze niet meer afstaan. De ouders zien het als falen als ze geen co-ouderschap toebedeeld worden”, aldus de sociologe. Dus gaan stemmen op om de wet aan te passen. Dat wordt onder meer gesteund door kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen en professor familierecht Charlotte Declerck (UHasselt). “De 50-50-regeling is echt niet altijd het beste voor het kind.”

Papa’s

En de papa dan? De reden dat co-ouderschap naar voren is geschoven, heeft te maken met de betrokkenheid van vaders bij het opvoedingsproces. Papa’s willen hun kinderen zien en ervoor zorgen en missen ze evengoed als ze er niet zijn dan mama’s. “Voor een scheiding zorgden de ouders ook niet altijd evenveel voor de kinderen”, merkt Van Assche op. De vraag rijst waarom de verhouding anders moet zijn dan ze was. “Een 70-30-regeling is vaak realistischer. Uit ons onderzoek is gebleken dat ouders en kinderen een even goede band hebben bij zo’n regeling.” Of nog beter: een regeling afgestemd op het gezin in kwestie. “Eigenlijk is een goede verblijfsregeling maatwerk”, beaamt de onderzoekster.

Politiek

Ook politiek is de aandacht getrokken: minister van Justitie Koen Geens (CD&V) wil de kwestie aankaarten bij de werkgroep familierechtbanken en Caroline Gennez (sp.a) diende een voorstel in om de problemen van kinderen in co-ouderschapsregeling in kaart te brengen.

 

bemiddelingenbegeleiding